Chemotherapie

Chemotherapie is een ‘algemene’ of ‘systemische behandeling’ (d.w.z. komt in het ganse lichaam) met celremmende of celdodende medicatie(s) waardoor de groei van de tumor wordt stilgelegd of de tumor wordt verkleind. Chemotherapie wordt meestal intraveneus (inlopend in een ader) toegediend en verloopt in ‘cycli’ of periodes van 3 of 4 weken. In zo’n cyclus zijn er toedieningen gedurende één of meerdere dagen gevolgd door een rustperiode. Een behandeling omvat een aantal dergelijke cycli die elkaar opvolgen. Chemotherapie kan ook de gezonde cellen beïnvloeden. Daarom bevraagt de arts bij elke toediening de nevenwerkingen en bekijkt de algemene toestand van de patiënt en de bloedresultaten. Het is belangrijk eventuele klachten steeds aan de arts te melden. 

Poortkatheter

Om de veelvuldige toediening in de aders en de geregelde bloedonderzoeken te vereenvoudigen wordt vaak onder het sleutelbeen een onderhuids injectiekamertje (poortkatheter of Port-A-Cath®) geplaatst. Dit gebeurt in de operatiezaal onder lokale verdoving. Het injectiekamertje staat via een inwendige katheter in verbinding met de grote ader. Toediening van chemotherapie en bloedafnames kunnen dan vlot gebeuren door met een speciale naald in dit injectiekamertje te prikken.