Kinderen

Praten over longkanker is niet gemakkelijk, zeker niet tegenover je kinderen. Je wilt hen geen verdriet doen en hen niet ongerust maken.

Kinderen werden vroeger meestal ver gehouden van alles wat slecht en pijnlijk was, er werd hen niets gezegd. Dit is veranderd. Hulpverleners zijn het erover eens dat het belangrijk is om kinderen mee op weg te nemen wanneer je als (groot)ouder met kanker geconfronteerd wordt. Kinderen voelen immers perfect aan dat er iets mis is. Ze vangen bijv. flarden op van gesprekken, zien ingehouden tranen, worden plots door andere mensen opgevangen enz. Kinderen worden daarom best in het ziekteproces betrokken.

Hoe dit best gebeurt is afhankelijk van verschillende factoren: de leeftijd van de kinderen, hun persoonlijkheid en temperament spelen een belangrijke rol. Daarnaast heeft elk gezin zijn eigen opvattingen over opvoeding en verantwoordelijkheid en is de mening en steun van je partner in dit proces onontbeerlijk.

Je kinderen kunnen ieder op een eigen manier reageren, soms heel anders dan je had verwacht, soms meteen, soms veel later en soms op momenten dat het je verrast.

 

Kinderen
  • Uitgebreide informatie over praten met je kinderen vind je terug op de website van de VLK www.tegenkanker.be/publications.  Er bestaat ook een informatiepakket “Ouders met kanker” dat je kan bekomen in het ziekenhuis.
  • Kinderen hebben fantastische voelsprieten, ze zien, horen en voelen veel. Als je hen niets vertelt, is hun fantasie soms erger dan de werkelijkheid. Wacht daarom niet te lang om te vertellen wat er aan de hand is. Door zelf het initiatief te nemen toon je dat je er als ouder ook op moeilijke momenten voor je kinderen bent.
  • Tracht in het eerste gesprek het woord ‘kanker’ al te laten vallen. Als je de ziekte durft te benoemen, kan dat helpen om de angst ervoor onder controle te krijgen.
  • Luister naar de vragen van je kinderen en probeer zo eerlijk mogelijk te zijn, ook al is er niet meteen een antwoord. Zoek naar een taal die je kinderen begrijpen, geef niet te veel informatie tegelijkertijd en loop niet te ver op de zaken vooruit.
  • Je mag gerust verdrietig zijn. Als je kinderen merken dat jij je gevoelens durft te tonen helpt hen dat ook om zelf emoties te laten zien.
  • Kleine kinderen uiten hun emoties vaak in tekeningen, verhalen, spelletjes. Pubers praten soms liever met een vriend of vriendin, of trekken zich terug in hun eigen wereld.
  • Het is goed om ook de school van de kinderen op de hoogte te brengen. Leerkrachten zijn vaak vertrouwenspersonen en kunnen je ook wijzen op gedragsveranderingen bij je kind. Ze kunnen ook hulp van het CLB www.ond.vlaanderen.be/clb vragen.
  • Routine en regelmaat, maar ook ontspanning en spelen blijven voor je kinderen belangrijk, ondanks alle drukte en verandering binnen het gezin.
  • Doorworstel niet alles alleen. Zoek hulp en steun bij je partner, bij familie of vrienden en eventueel bij hulpverleners.
  • Wanneer je merkt dat de emoties bij je kinderen te overweldigend worden, zoek je best extra hulp en begeleiding van bijv. een (kinder)psycholoog.