Welke behandelingen zijn er?

De dokter kan verschillende behandelingen voorstellen. Soms krijgt je mama of papa één behandeling, soms wordt een combinatie van verschillende behandelingen gegeven. Operatie: bij een operatie wordt de tumor weggesneden. Soms snijdt de dokter een stuk van de long mee weg, of haalt hij de hele long weg. Hij doet hij dit om zeker te zijn dat alle kankercellen weg zijn. Als je mama of papa geopereerd wordt, zal zij of hij enkele dagen in het ziekenhuis blijven. Je mama of papa kan een tijdje moe zijn na de operatie.

Medicijnen (‘chemotherapie’): de medicijnen kunnen in de vorm van pilletjes zijn, maar kunnen ook via een spuit of infuus gegeven worden. Ze komen in het bloed terecht en doden de slechte cellen. Jammer genoeg doodt de chemotherapie ook goede cellen, waardoor je mama of papa tijdens deze behandeling moe kan zijn, misselijk kan worden of haar kan verliezen.

Bestraling (‘radiotherapie’): je mama of papa gaat onder een groot toestel liggen dat onzichtbare stralen stuurt naar de plaats van de tumor. De dokters duiden met een tekening op het lichaam van je papa of mama aan waar de stralen juist dienen te komen. Zo wordt de tumor gedood. Soms worden ook goede cellen gedood, waardoor je mama of papa erg moe kan zijn van deze behandeling. Voor deze behandeling zal je mama of papa een heel aantal dagen na mekaar naar het ziekenhuis komen.

De dokter zal met de behandelingen proberen om de kanker weg te halen. Soms is dat jammer genoeg niet mogelijk. Dan zal de dokter met de behandelingen ervoor proberen te zorgen dat de kanker niet meer verder groeit en eerder stabiel blijft. Dit lukt niet altijd en dan kan het gebeuren dat je van kanker sterft.

 

Welke behandelingen zijn er?